Pogingen om sociale rechten van internationale chauffeurs te ondermijnen, weggestemd

Het Europees Parlement verwierp vandaag in een opmerkelijke stemming alle voorstellen in het sociale luik van het EU mobiliteitspakket dat betrekking heeft op de loon- en arbeidsvoorwaarden van internationale vrachtwagen- en buschauffeurs. Dat deed ze nadat ze de rapporten die eerder door haar Transportcommissie werden goedgekeurd vorige al maand in een historische stemming had verworpen. Wij hebben een zeer krachtig signaal gegeven, dat we niet wensen dat de sociale rechten van internationale vrachtwagen- en buschauffeurs te grabbel worden gegooid. Het parlement zegt nu aan haar eigen transportcommissie dat die haar huiswerk helemaal opnieuw moet maken en de loon- en arbeidsvoorwaarden van werkende mensen moet versterken in plaats van af te zwakken. Wat we eigenlijk verwachten, is dat de Europese Commissie met een nieuw voorstel komt die de mensen die werken in de internationale transportsector beter moet beschermen.

Dat betekent dat chauffeurs de garantie moeten krijgen dat ze op voldoende en regelmatige rusttijden kunnen rekenen, op geregelde tijdstippen naar huis terug kunnen om bij hun familie te zijn en niet verplicht worden om hun verlengde weekendrust, die ze slechts om de twee weken hebben, in de cabine van hun vrachtwagen door te brengen.

Het betekent eveneens dat het internationale transport moet vallen onder de detacheringsregels en dat ook professionele chauffeurs recht hebben op gelijk loon, voor gelijk werk op dezelfde plek, zoals dat geldt voor iedereen die tijdelijk in een andere lidstaat dan de zijne werkt.

Ten slotte moeten correcte transportfirma’s beschermd worden tegen frauduleuze concurrenten die papieren firma’s oprichten in Oost-Europa maar toch al hun activiteiten ontplooien bijvoorbeeld in België.

De Europese Commissie kan nu luisteren naar de stem van het parlement en een nieuw voorstel op tafel leggen dat ditmaal geen sociale afbraak in gang zet, maar integendeel mensen beschermt.