Mega Mindy vliegt terug naar huis
Studio 100-baas Hans Bourlon heeft de productie van brooddozen uit China terug naar Vlaanderen gehaald, lees ik in Het Laatste Nieuws. Waar ‘Made in China’ vroeger stond voor kwaliteit aan een goedkope prijs, is dit niet langer het geval. Door de steeds stijgende brandstofprijzen worden de transportkosten vanuit China te hoog.
Studio 100 doet momenteel nog steeds een beroep op China voor zo’n 300-tal producten. Een plotse terugtrekking is dus nog niet aan de orde. Wel is duidelijk dat voor minder arbeidsintensieve producten, de kostenkloof tussen België en China steeds kleiner wordt. Het loon van de Chinese arbeiders is in stijgende lijn, waardoor bepaalde artikelen evengoed hier kunnen worden vervaardigd.
Voor andere producten spelen andere factoren mee. Zo vraagt Hans Bourlon dat de Belgische overheid werk maakt van minder belasting op arbeid. Dit zou de productie van meer arbeidsintensieve producten naar België kunnen halen.
We mogen zeker niet vervallen in een protectionistisch discours, maar de idee van flexibeler om te gaan met belastingen is zeker een oefening waard. Ik denk dan aan belastingverlagingen in de sociale sector of voor innovatieve technologieën.
Studio 100 is lang niet het eerste bedrijf dat ‘Made in China’ geleidelijk aan de rug toekeert. De trend van back sourcing zet zich voort. Naast financiële redenen, spelen bovendien steeds meer ethische belangen mee. Bedrijven en ondernemers hechten steeds meer waarde aan de manier waarop een product tot stand komt. Ik denk hierbij aan de arbeidsomstandigheden, de correcte verloning, de impact op het milieu. Elementen die steeds meer aan belang winnen met het oog op duurzaam ondernemen.
Het ziet er dus naar uit dat de economie van de toekomst niet louter bepaald zal worden door financiële belangen. Op naar een duurzame industrie in een duurzame economie.
.jpg)
.jpg)


.jpg)
.jpg)