Bioafval
In het Europees parlement worden momenteel in verschillende commissies de voorstellen van de Europese commissie (groenboek) voor een toekomstig beleid rond het beheer van bio-afval besproken. Bio-afval is de verzamelnaam voor biologisch afbreekbaar tuin- en plantsoenafval, levensmiddelen- en keukenafval van huishoudens (bij ons samen gekend als GFT), restaurants, cateringfaciliteiten en winkels en vergelijkbare afvalstoffen van de levensmiddelenindustrie en waterzuivering.
In Vlaanderen zijn we er aan gewoon geraakt dat we GFT scheiden en dat dit wordt opgehaald en verwerkt. Dat is echter in de rest van Europa lang niet overal het geval. Heel wat potentieel voor hergebruik van grondstoffen en energierecuperatie gaat zo verloren.
Ik was schaduwrapporteur voor het dossier in de industriecommissie. Dat wil zeggen dat ik woordvoerder was voor de sociaaldemocraten in het Europees parlement. Door de industriecommissie werd een unaniem opinierapport goedgekeurd. Daarbij werd mede op basis van mijn voorstellen het rapport van de Britse conservatief Giles Chichester (die als rapporteur namens de industriecommissie een eerste voorstel van opinie op papier zette) dat nogal eenzijdig op gericht was op energieopwekking uit bio-afval, stevig bijgestuurd. Ik legde daarbij de nadruk op de afvalhiërarchie die in eerste instantie focust (na preventie uiteraard) op het hergebruik van grondstoffen. Voor bio-afval betekent dit dat er eerst moet ingezet worden op compostering en dan pas op energieopwekking of productie van biobrandstof (biogas). Daarbij moet natuurlijk getracht worden om ook tijdens de compostering maximaal de vrijgekomen warmte en energie op te vangen en te gebruiken.
Compost kan een belangrijke rol spelen bij bodemverbetering en erosiebestrijding, kan kunstmest vervangen en het gebruik ervan heeft (door het inbrengen van organische stof in de bodem) een gunstig effect in de strijd tegen de klimaatverandering. Alle amendementen die ik indiende om hier de nadruk op te leggen, werden goedgekeurd.
Ik ben er ook van overtuigd dat de Europese commissie best met een voorstel van aparte richtlijn komt om daarin de hele aanpak van bio-afval te regelen en de nodige zaken op te leggen aan de lidstaten: organisatie van de inzameling van bio-afval en bijhorende doelstellingen, kwaliteitseisen voor compost, standaarden voor verwerkingen van bio-afval en dergelijke meer. De amendementen die ik daarvoor indiende haalden het niet. In de industriecommissie acht men het niet nodig dat hiervoor een duidelijk kader wordt geschapen. Het dossier werd naar de milieucommissie verhuisd, waar ik het verder opvolgde en opnieuw de nood onderstreepte om aan een aparte richtlijn te werken. Volgende week volgen stemmingen in de milieucommissie. Voorlopig ziet het er naar uit dat het pleidooi voor een specifieke richtlijn het daar wél haalt. Wordt vervolgd.

.jpg)




.jpg)

.jpg)