Vlaanderen maakt werk van groene economie via C2C
In de krant van 18 januari 2010 las ik dat steeds meer Vlaamse bedrijven belangstelling hebben voor het duurzame businessmodel Cradle to Cradle. Geweldig nieuws is dat. Want toen ik als minister van Sociale Economie in de vorige regering Vlaamse regering de C2C-wedstrijd lanceerde, was het nog zoeken naar bedrijven die ervoor kiezen groen te produceren.
Op een bijeenkomst in Mechelen, kwamen koploperbedrijven samen om hun vernieuwende projecten te presenteren. Projecten die de Vlaamse economie moeten vergroenen. Het eco-innovatieproject is een initiatief van de Vlaamse overheid, zo meldt De Morgen, die met haar Milieu- en energietechnologie Innovatie Platform (MIP) middelen vrijmaakt om vernieuwende projecten te ondersteunen. Het Platform vond al aansluiting bij de internationale trend om het nieuwe businessmodel Cradle to Cradle te stimuleren.
“Cradle to Cradle (C2C) is niet enkel een nieuwe filosofie, het is ook een nieuw businessmodel om een duurzame, afvalloze economie te ontwikkelen én een strategie om tot productinnovatie te komen”, stelt journalist Jan De Zutter terecht.
Het C2C-idee is van de hand van de Duitse chemicus Michael Braungart en de Amerikaanse architect William McDonough. Ik had het genoegen Braungart te interviewen voor mijn boek 'Verder dan morgen'[link]. Toen ik hem hoorde vertellen over Cradle to Cradle, letterlijk 'van wieg tot wieg', was ik niet alleen onmiddellijk gecharmeerd, maar vooral geboeid door dit idee.
C2C is geen ver-van-mijn-bed verhaal. Verscheidene bedrijven in Vlaanderen passen het C2C-principe al toe of tonen interesse om groen, ofte zonder afval te produceren. Ik juich dan ook de intentie van de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) toe om een studie uit te voeren naar de impact van C2C in Vlaanderen. Door te weten waar noden en vragen liggen, kan de overheid efficiënt investeren.
Het artikel sluit af met enkele voorbeelden van producenten die het C2C principe toepassen. Eén daarvan is koffieproducent Miko, die ook kunststofverpakkingen maakt. “(...) Die verpakkingen kunnen ze niet echt recycleren, want de inkt erop komt tijdens de recyclage immers in de kunststof terecht. Miko heeft daarom nu een voorstel ingediend om de inkt van zijn verpakkingen te kunnen scheiden van de kunststof, zodat er gerecycleerd kan worden.
Antwerpen wil in de toekomst dan weer een reeks ambitieuze projecten op het getouw zetten, zoals algen kweken op de stortplaats Hooge Maey. Algen zijn erg geschikt om biobrandstoffen of bioplastics van te maken, maar ze kunnen ook gebruikt worden als voeder in de viskweek of veeteelt. Er zit toekomst in dit soort van biotechnologie. Niet alleen zijn ze goed voor het milieu, wat aardig meegenomen is voor het imago van bedrijven; er valt ook een pak geld mee te scheppen. (...)”
Het spreekt voor zich dat ik me ook op het Europees toneel blijf inzetten voor groene productie, voor het produceren zonder afval, voor meer Cradle to Cradle.
Meer info hierover vind je op deze site , op de site van grondlegger Michael Braungart en in mijn boek.

.jpg)




.jpg)


.jpg)