Sociaal overleg opdrijven om uit impasse rond havenarbeid te geraken

Nadat minister van werk Peeters vorige vrijdag aankondigde dat hij met de Europese Commissaris voor Transport Violeta Bulc een overeenkomst had bereikt over de hervorming van de wet Major, is nieuwe sociale onrust in de Antwerpse haven niet uitgesloten. Het sociaal overleg moet nu dringend opgedreven worden om uit de impasse te geraken. Ik begrijp de ongerustheid van de vakbonden over de pogingen om havenarbeid te liberaliseren. Wat vooral tegen de borst stuit, is dat de Europese Commissie nu juridische middelen gebruikt om een politieke keuze af te dwingen. Het Europees parlement heeft steeds een andere houding aangenomen en gesteld dat aanpassingen er moeten komen via sociaal overleg.

Het gaat bijzonder goed met de Antwerpse haven. De voortdurende vraag van de Commissie naar meer competitiviteit is gewoon een verdoken vorm van liberalisering. De Commissie vindt dat havenbedrijven om concurrentieel te kunnen zijn, vrijelijk personeel moeten kunnen aanwerven, terwijl de wet Major havenarbeid enkel toelaat in een poolsysteem met erkende havenarbeiders. In het voorstel van Peeters blijft dat systeem bestaan maar kunnen havenbedrijven ook arbeiders aanwerven buiten dat poolsysteem, zelfs met dagcontracten vanaf 2020. “Dat betekent dat het poolsysteem dat de havenarbeiders beschermt tegen willekeur de facto zal uitdoven. Bedrijven zullen kiezen voor interimarbeid door arbeiders die mogelijk onvoldoende kennis hebben van de specifieke vereisten en veiligheidsvoorschriften om dergelijke gevaarlijke en zware jobs uit te oefenen. Het poolsysteem werd immers ingevoerd zodat controle mogelijk zou zijn op de arbeidsomstandigheden en de veiligheid van dokwerkers in een complexe industriële omgeving. In een geliberaliseerd systeem neemt het risico op sociale dumping toe. 

Ook het bezwaar dat de vakbonden maken tegen het voorstel om havenarbeiders te laten multitasker is terecht. Het huidige systeem van beroepscategorieën in de pool zorgt er voor dat Antwerpen kan beschikken over uiterst gespecialiseerde dokwerkers. Dat is nodig omdat havenarbeid niet alleen een zware, maar ook een gevaarlijke job is. Er zijn taken die zeker niet door om het even wie kunnen uitgevoerd worden; dat zou de veiligheid ernstig in het gedrang kunnen brengen.   

De situatie in de havens is veranderd sinds de wet Major ruim 40 jaar geleden van kracht werd. Dat er aanpassingen nodig zijn, ontkent niemand, ook de vakbonden niet. Zij hebben zich trouwens soepel opgesteld en willen een aantal voorstellen van Peeters aanvaarden. Zo sluiten de vakbonden niet uit dat er aangeworven kan worden buiten het poolsysteem met contracten van lange duur, zolang het niet om dagcontracten gaat en ze aan de erkenningsvoorwaarden voor havenarbeiders voldoen. De bonden aanvaarden ook een versoepeling van het ploegensysteem - zeg maar het opgelegde aantal havenarbeiders dat nodig is om een schip te lossen. Werknemers mogen wel degelijk op kortere termijn een andere ploegensamenstelling aanvragen. De vakbonden zijn dus heel wat minder onverzettelijk dan men wil laten uitschijnen. De vakbonden blijven wél en terecht kritisch staan tegenover die voorstellen die de bescherming van havenarbeiders én hun veiligheid op de helling zetten. Ik wil hen daarin dan ook volledig steunen. Tot slot is het hoopgevend dat minister Peeters verder wil blijven overleggen met de vakbonden.