Het Verenigd Koninkrijk mag de EU niet lang gijzelen

Artikel 50 dat de uittreding van het VK in gang zet moet zo snel mogelijk ingeroepen worden. En er kunnen vooraf geen informele onderhandelingen zijn met het Verenigd Koninkrijk. Dat heeft het Europees parlement beslist tijdens een emotioneel en bijwijlen heftig debat over de resultaten van het Britse referendum. Sociaal-democraten, christen-democraten, liberalen en groenen hebben eensgezind stelling ingenomen voor een sterk en welvarend Europa, dat niet gegijzeld mag worden door een Britse regering zonder plan.

In tegenstelling tot de Britse regering die de wil van het Britse volk niet respecteert en vertragingsmanoeuvers uitvoert, wil het parlement dat artikel 50 zo snel mogelijk in werking wordt gesteld. Ook de Commissie is daarin zeer duidelijk geweest. Onzekerheid kunnen we ons niet permitteren.

Volgens het parlement moet ook de Commissie de onderhandelingen over de uitstap leiden. Het parlement wijst er ook op dat een hervorming nodig is en dat het democratische gehalte van de Unie versterkt moet worden.  Met uitzondering van extreem-rechtse partijen toonde het parlement een grote eensgezindheid om te werken aan de terechte kritieken van de bevolking op de werking van de Unie.

In de komende weken en maanden zullen de verschillende fracties zich bezinnen over het te volgen pad. De Europese sociaal-democraten kondigen een Conventie aan in het najaar met de PES en de Young European Socialists. Die moet zich buigen over de grote lijnen van de toekomstige Unie. We hebben niet zozeer institutionele hervormingen nodig maar daadkracht, zodat de bevolking ziet dat de EU er voor hen is. 

Sociale rechtvaardigheid, investeringen en democratie zijn de drie pijlers van de Conventie. Europa heeft te weinig gedaan om de verliezers van de globalisering te beschermen. We moeten dus dringend werk maken van sociale dumping met de herziening van de detacheringsrichtlijn, én van fiscale rechtvaardigheid, wat betekent dat we de strijd tegen fiscale paradijzen en belastingontwijking moeten opvoeren. Er moeten ook meer overheids- en privé-investeringen mogelijk zijn, met een ambitieuzer Europees investeringsplan.  Ook het democratisch gehalte van de Unie moet omhoog. Volgens de sociaal-democraten moet ondermeer de voorzitter van de Europese Commissie volgende keer rechtstreeks verkozen worden door de Europese bevolking. 

De sociaal-democraten willen goede verstandhoudingen met de toekomstige Britse buren, maar de Britten zullen alle spelregels moeten volgen. Een tariefvrije toegang tot de interne markt, of lid zijn van die interne markt maar Europese burgers weigeren om in het VK te werken of te studeren is dus uitgesloten.

Ik roep ook de regeringsleiders op om constructief mee te werken aan dat Europa van de toekomst. Meermaals werd opgemerkt dat de leiders van de lidstaten het bedje spreiden van het Euroskepticisme door beslissingen die ze zelf nemen niet te verdedigen in hun land. Ze wekken zo de indruk dat lidstaten geen impact zouden hebben, terwijl het net de lidstaten zijn die het Europese beleid aansturen. Bovendien laten de lidstaten vaak het eigenbelang primeren op het algemene Europese belang en creëren ze zo interne spanningen en conflicten. Iedereen moet nu zijn verantwoordelijkheid nemen, ook de leiders van de lidstaten.

Daarom loof ik de houding van premier Michel van de afgelopen dagen. Hij spreekt duidelijke taal voor een sterk en welvarend Europa en is pro-actief in het oplossen van de gevolgen voor ons land en dat in tegenstelling tot de Vlaamse minister-president Bourgeois die angstig reageert op het Britse referendum. Ik verkies de standvastigheid van Michel.