Betere Europese wetten moeten burgers ten goede komen

Vice-voorzitter van de Europese Commissie Frans Timmermans heeft zijn lang verwachte pakket maatregelen voor een betere Europese regelgeving voorgesteld. Uiteraard moet Europese wetgeving deugdelijk zijn. Probleem is echter dat dergelijke maatregelen steeds in het nadeel spelen van sociale rechten, consumentenbelangen, volksgezondheid en milieu. Ik zou willen dat de commissie vaker de impact van economische maatregelen op het welzijn van de burgers evalueert.

Met zijn pakket maatregelen voor een betere regelgeving (Better Regulations package) wil vice-voorzitter Frans Timmermans voorkomen dat Europese lidstaten en bedrijven overladen worden met absurde of administratief belastende Europese wetten. Daarbij wordt steevast verwezen naar de beruchte regulering van olijfolieflesjes in restaurants. In 2013 boog de Commissie zich maandenlang over een verbod om olijfolie te serveren in open flesjes, omdat klanten dan nooit de kwaliteit van de olijfolie kunnen controleren. Dat was er inderdaad ver over. Het voorstel werd met het schaamrood op de wangen weer terug getrokken.

Timmermans’ voorstel is opgebouwd rond de vaststelling dat nieuwe Europese wetgeving te weinig geëvalueerd wordt, zowel tijdens de totstandkoming van de regelgeving als daarna, wanneer de wetgeving in voege is. De vice-voorzitter wil dat er meer impact assessments en evaluaties gebeuren. 

Timmermans wijst er op dat de Commissie tussen 2007 en 2014 maar liefst 700 impact assessments heeft gemaakt, terwijl het Europees parlement er in die periode slechts 20 heeft gemaakt over haar eigen amenderingen en de Raad er geen enkele heeft geproduceerd. Volgens Timmermans moeten zowel de Raad als het Parlement de impact van hun werk beter beoordelen. Drie onafhankelijke academische experts, aangeduid door de Raad en het Parlement moeten de deugdelijkheid van die assessments evalueren. Die experts zullen zetelen in een nieuw op te richten orgaan, de Regulatory Scrutiny Board, waarin ook drie vertegenwoordigers van de Commissie zetelen.

Timmermans stelt nog de oprichting van een tweede orgaan voor. Als sluitstuk van het REFIT-programma, dat de regelgeving van de Commissie doeltreffender en eenvoudiger moet maken, wil de vice-voorzitter een platform samenstellen met vertegenwoordigers van lidstaten én experts. Dat platform moet nagaan of Europese wetgeving KMO’s niet al te veel opzadelt met administratieve overlast.

Ik heb geen enkel probleem met het uitgangspunt van de voorstellen. Niemand kan er tegen zijn dat wetgeving doeltreffend en zinvol is. Timmermans’ voorstel om de impact van wetgevend werk nauwlettender te evalueren, is dus op zich toe te juichen. Het grote probleem is echter steeds opnieuw: waarop voer je een impact assessments uit? De Commissie heeft immers steeds de neiging om de impact van sociale- en milieuwetgeving op de economie te beoordelen. Het omgekeerde, namelijk de impact van de economie op duurzame ontwikkeling is zelden of nooit onderhevig aan een evaluatie. Overlast wordt steeds geïnterpreteerd als overlast op het bedrijfsleven, zelden op de gezondheid en het welzijn van de bevolking. Dat betekent dat voortdurend sociale verworvenheden, volksgezondheid en het milieu het slachtoffer worden van pogingen om de wetgeving te vereenvoudigen. Vereenvoudiging betekent al te vaak dat de doelstellingen van Europese wetgeving uitgehold worden ten voordele van economisch winstbejag. We moeten er dus zorg voor dragen dat betere regelgeving geen excuus wordt voor deregulering. Betere regelgeving betekent vaak ‘minder regels’ maar soms ook ‘meer regels'.

Daarmee sluit ik me aan bij de kritiek van vakbonden en NGO’s. Zo wijzen de vakbonden er op dat dat wetgevend werk dat betrekking heeft op de bescherming van werknemers tegen kankerverwekkende chemische stoffen, op repetitieve overbelastingstelsels of op tabaksrook op het werk, werd stoptgezet. Vijftig organisaties uit het maatschappelijk middenveld, waaronder vakbonden en consumentenorganisaties hebben maandag dan ook een Waakhond opgericht om de rechten van burgers, werknemers en consumenten te beschermen. Vorige week nog maakten 100 Europese milieuorganisaties zich grote zorgen dat het Better Regulations Package milieubeschermingsmaatregelen zou afzwakken.

De huidige commissie heeft inmiddels een 80-tal wetgevende voorstellen teruggetrokken. Sinds ze is aangetreden, zijn er slechts 23 nieuwe wetgevende voorstellen gelanceerd, tegenover jaarlijks een honderdtal tijdens het commissievoorzitterschap van José Manuel Barroso.