Geen steun voor handelsverdrag met Canada (CETA) met omstreden Investor-State Dispute Settlement

Morgenavond brengt de Europese Commissie het Europees parlement op de hoogte van de stand van zaken in het handelsverdrag tussen de EU en Canada. De onderhandelingen zijn afgerond, maar wij zijn niet blij met het resultaat. De tekst bevat nog steeds het zogenaamde investor-state dispute settlement mechanisme waardoor bedrijven landen kunnen aanklagen voor een privaat arbitragehof. Een verdrag waarin dat staat zullen wij niet goedkeuren, want wij zullen nooit aanvaarden dat volksgezondheid, sociale normen en milieunormen ondergeschikt worden gemaakt aan economische belangen.

Europa en Canada hebben een politieke overeenkomst bereikt over een handelsovereenkomst die er voor moet zorgen dat heel wat handelsbelemmeringen tussen beide partners wegvallen. Dat kan jobs creëren en economische groei stimuleren aan beide zijden van de Atlantische oceaan. De Europese Commissie brengt dinsdagavond het Europees parlement op de hoogte van de stand van zaken, net voor de Canadees-Europese top van eind september. Gelukkig is het verdrag nog niet ‘definitief’ want het Europees parlement moet er nog zijn zegen over geven. Zoals het er nu uit ziet, zullen alvast de sociaal-democraten het handelsverdrag niet goedkeuren. 

Zoals steeds zit er ook hier immers een stevige angel onder het gras. Ook dit akkoord bevat - net zoals de teksten over het toekomstige handelsakkoord met de Verenigde Staten - een passage over het zogenaamde investor-state dispute settlement (ISDS) mechanisme. Dat is een mondvol moeilijke woorden die er op neer komen dat bedrijven staten kunnen aanklagen voor internationale arbitragehoven. In die arbitragehoven oordelen private ‘arbiters’ uit gespecialiseerde advocatenkantoren over geschillen tussen een bedrijf en een land. 

Vaak zijn het dezelfde dure bureau’s die multinationals ook bijstaan met juridisch advies, zodat belangenvermenging reëel wordt. Het systeem zou de investeringen van een bedrijf moeten veilig stellen, maar in de realiteit wordt het vaak gebruikt om winsten te verzekeren en legitieme regelgeving onderuit te halen. Machtige bedrijven kunnen er zo voor zorgen dat economische belangen voorgaan op het welzijn en de gezondheid van mensen. Grote bedrijven gebruiken het systeem immers voornamelijk om overheidsmaatregelen aan te klagen die mogelijk hun winst doen dalen, zoals nieuwe wetgeving over milieu, volksgezondheid, sociale bescherming, arbeidsrechten of mensenrechten. Zo heeft Philip Morris zowel Australië als Uruguay voor een ISDS gesleept omdat de sigarettenfabrikant vond dat gezondheidswaarschuwingen op verpakkingen hun winst inperkten.

De procedures doen bij heel wat overheden de alarmbellen rinkelen omdat ze niet enkel riskeren dat hun wetgeving onderuit wordt gehaald, maar ook dat ze grote schadevergoedingen moeten betalen. Zo hebben de geschillenprocedures van Philip Morris ertoe geleid dat Nieuw-Zeeland zijn plannen om ook waarschuwingen op sigarettenpakjes verplicht te maken, in de koelkast heeft gestoken. ISDS zorgt er dus voor dat overheden zichzelf censureren uit angst voor een geschillenprocedure. En die zelfcensuur treft uiteraard de gewone bevolking die het moet stellen met lagere milieu- volksgezondheids- of sociale standaarden.

Het handelsverdrag met Canada is een belangrijk precedent voor de gelijkaardige onderhandelingen met de Verenigde Staten. Het ISDS-mechanisme staat daar ook in de teksten. Al in 2011 liet het Europees parlement weten geen voorstander te zijn van het ISDS. Landen kunnen ook onderling hun disputen beslechten via arbitrage en bedrijven kunnen gebruik maken van de gewone rechtspraak. In landen die een deftig werkend en modern juridisch systeem hebben, is het niet nodig om geschillen buiten de rechtbanken om te beslechten. ISDS is daar overbodig en opent voor multinationals enkel de deuren om regelgeving af te zwakken of zelfs tegen te werken, louter omwille van winstbejag. De Unie moet daarom het Australische voorbeeld volgen en ISDS schrappen uit de handelsovereenkomsten met zowel Canada als de Verenigde Staten.  

Het Europees parlement moet, nadat de onderhandelingen tussen de Commissie en Canada zijn afgerond, de afspraken nog goedkeuren. De Europese sociaal-democraten zullen dat alvast niet doen als ISDS in de teksten blijft staan. Daarmee vertolken we overigens de bezwaren van de Europeanen, die massaal gereageerd hebben op een publieke consultatie over ISDS, die de Commissie heeft gehouden in het kader van de onderhandelingen met de VS. Nooit reageerden meer Europeanen op een Europese publieke consultatie, met name bijna 150.000 reacties, waarbij ondermeer België vrij hoog scoorde. Het is cynisch vast te stellen dat de Commissie weliswaar zelf een publieke consultatie organiseert, maar de resultaten daarvan niet belangrijk genoeg vindt om er rekening mee te houden als het gaat over het handelsverdrag met Canada. Het moet nu toch duidelijk zijn dat de Europeanen niet willen dat bedrijven kunnen bepalen welke regels er in Europa gelden. Dat moet democratisch worden beslist.