Digitale revolutie moet elke Europeaan ten goede komen

Het traject naar een nieuwe Eengemaakte Digitale Markt dat de Europese Commissie vandaag heeft voorgesteld, vertelt weliswaar wat de uitdagingen zijn voor een digitale economie, maar zegt onvoldoende concreet hoe Europa die uitdagingen wil aanpakken.

Europa hinkt achterop als het gaat over de ontwikkeling van de digitale economie. Dat is merkwaardig, want dagelijks loggen 280 miljoen Europeanen in bij Facebook; meer dan er autobezitters zijn in Europa.

Europeanen zijn intensieve gebruikers van het internet en van nieuwe digitale diensten. Maar vernieuwing komt steeds van buiten Europa. Nochtans biedt innovatie in de digitale markt grote kansen voor jobs, de ontwikkeling van nieuwe bedrijven, diensten en van productieprocessen, zoals 3D-printing en robotica.

Al jaren tracht de Commissie gefragmenteerde stukken van deze nieuwe markt te stimuleren en te reguleren - denk maar aan de telecomsector - maar de meeste initiatieven strandden in de Europese Raad. “De afschaffing van de roamingtarieven, zoals goedgekeurd door het Europees parlement, ligt stof te verzamelen in de Raad. Het duikt nu opnieuw op in de strategie voor de Eengemaakte Digitale Markt, wat betekent dat het opnieuw zal onderhandeld moeten worden. Dat is een pijnlijk en langdurend proces. Die roamingtarieven moeten gewoon snel afgeschaft worden.

Het langverwachte ontwerp voor de Digital Single Market is weinig ambitieus, recycleert het geblokkeerde initiatieven en vertelt het onvoldoende hoe die digitale revolutie verwezenlijkt moet worden. Op papier zetten wat de uitdagingen zijn, brengt de oplossingen niet dichterbij.

Voor de sociaal-democraten (S&D) is het belangrijk dat de digitale revolutie elke Europeaan ten goede moet komen, niet enkel diegenen die zich technologie kunnen veroorloven. Dat betekent niet enkel dat de tarieven voor internettoegang betaalbaar moeten zijn, maar dat Europa ook moet investeren in opleidingen om digitale vaardigheden te ontwikkelen.

Digitalisering en automatisering kunnen zeker vooruitgang brengen, maar we weten ook dat het verstorend zal werken voor een aantal sectoren. Er zullen jobs bijkomen, maar er zullen ook jobs verdwijnen. We moeten ons dus voorbereiden op belangrijke verschuivingen in de arbeidsmarkt. Dat impliceert, naast doorgedreven opleidingen, ook een stevig sociaal vangnet voor wie - het liefst tijdelijk - uit de boot zal vallen. Ook de bescherming van werknemers in de nieuwe digitale sectoren moet dringend op de agenda komen. 

De nieuwe diensten die ontstaan door de digitale transformatie zijn grensoverschrijdend, en daarom moeilijk op lidstaatniveau te regelen. Dat betekent dat we er voor moeten zorgen dat iedereen in de hele Unie ook op een eerlijke manier gebruik kan maken van die diensten én dat er een Europese controle moet bestaan om de spelregels in de hele Unie te bewaken.

Voor de sociaal-democraten is het daarom nodig dat de commissie en de lidstaten regels vastleggen die:

  • investeringen ondersteunen in digitale infrastructuur, e-governement en e-vaardigheden om de Europese industrie te kunnen aanpassen aan de digitale toekomst. 
  • in de nieuwe sectoren jobs creëren voor iedereen en daarom ook scholing en opleiding aanpassen aan de digitale transformatie de Europese bevolking vertrouwen geeft in de digitale revolutie door wetgeving te ontwikkelen die privacy en databescherming garandeert. 
  • de Europeanen ook vertrouwen geeft in e-commerce door hen te garanderen dat ze online beschermd worden. 
  • de Europese copyright-regels hervormen om de rechten van creatieveling te versterken en die investeringen in de culturele sector garanderen 
  • een competitief maar ook consumentvriendelijk kader te creëren voor bedrijven die in de digitale markt werkzaam zijn 
  • toegankelijke en betaalbare aansluitingen garanderen voor iedereen in de Europese Unie 
  • een gecoördineerd, eerlijk en duurzaam belastingsysteem mogelijk maken voor de digitale economie.