Vinger op de wonde, nu nog de verbanddoos

 Europees parlementsvoorzitter Martin Schulz zei het al bij de aanvang van de plenaire zitting van het Europees parlement in Straatsburg: Dit wordt een beslissend moment voor Europa. Alle ogen waren gericht op de derde State of the Union van Commissievoorzitter José Manuel Barroso die, zoals verwacht, een warm pleidooi hield om de Europese waarden en de Europese gedachte te koesteren en te versterken. Er zijn immers kapers op de kust, populistische en nationalistische partijen die verdeeldheid zaaien in de Unie. “In de twintigste eeuw kon je als land met 15 miljoen inwoners nog een wereldmacht zijn,” zei Barroso. Vandaag is dat uitgesloten. Barroso legde dan ook terecht de klemtoon op samenwerking en solidariteit. “We kunnen niet tot een Unie behoren maar doen alsof dat niet zo is.”

De Commissievoorzitter liet ook duidelijk verstaan dat we de problemen niet zullen oplossen als we gewoon verder doen waarmee we bezig zijn. Europa heeft een nieuwe richting nodig en dan kan je niet verder bouwen op oude ideeën. De vragen van vandaag los je niet op met de antwoorden uit het verleden. Lidstaten die elkaar voortdurend tegenwerken om hun nationale belangen te vrijwaren, zullen de Europese storm niet overleven. Want, zo zei Barroso, In een storm is absolute loyauteit het minimum.

Barroso liet er geen twijfel over bestaan dat niet enkel de euro zal blijven bestaan, maar ook dat Griekenland in de Unie moet blijven op voorwaarde dat het garandeert dat het verder zal gaan met hervormingen, maar ook - en dat is minstens zo belangrijk - dat de andere lidstaten bevestigen dat ze Griekenland blijven steunen.
Duurzame groei is nu een topprioriteit, maar dat is onmogelijk zonder een echte politieke Unie. Barroso daagde de lidstaten die het vandaag hebben over groei uit en stelde de retorische vraag of ze een Europees budget voor groei zullen steunen.

Opmerkelijk was Barroso’s pleidooi om te evolueren naar een federaal Europa, een federatie van natiestaten, in plaats van een unie van lidstaten, een echte Europese democratie met een Europese publieke ruimte. Daarin krijgt hij onze volledige steun. Barroso riep dan ook die Europeanen op, intellectuelen en mensen uit de culturele wereld, die geloven in de Europese gedachte, om zich actief te mengen in het debat, en de discussie over de toekomst van Europa niet over te laten aan de eurosceptici. Die oproep voor een constructief Europees debat, waarin Europese waarden centraal staan, zoals vrede, democratie, solidariteit, universele mensenrechten... moet ook in Vlaanderen gehoord worden. Dat debat wil ik graag aanzwengelen, samen met alle Vlamingen die beseffen dat we in een geglobaliseerde wereld geen kans maken zonder een solidaire en sociale Europese structuur.

Aan de horizon van het Europese project daagt een politieke Unie, zei Barroso. In de feiten zien we daar nog niet zo veel van. De concrete voorstellen die Barroso lanceerde, hebben nagenoeg uitsluitend betrekking op de financiële en economische architectuur van Europa. Een sterk sociaal luik ontbreekt, reden waarom de sociaaldemocraten hun eis voor een Europees sociaal pact hebben herhaald. Barroso legde in zijn State of the Union weliswaar de vinger op de wonde, maar hij beschikt niet over de verbanddoos om de wonde ook te helen. Dat is wat we nu van hem en van zijn Commissie verwachten, namelijk de instrumenten om veel verder te gaan dan het loutere herstel van de interne markt; om van Europa een echte politieke Unie te maken. Barroso’s oproep aan de Europese politieke partijen om zich sterker te profileren en geen afschaduwing meer te zijn van de partijen in de lidstaten, maakt deel uit van de wens om een Europese politieke ruimte te creëren. Hij riep de Europese partijen dan ook op om in aanloop van de volgende Europese verkiezingen elk één kandidaat te presenteren voor het voorzitterschap van de Europese Commissie.

Het is niet zo moeilijk om Barroso’s State of the Union kritisch neer te sabelen, maar het is nuttiger om er de verdiensten van te beklemtonen. De belangrijkste verdienste is dat hij de geesten van de Europese politici - en mogelijk van de Europese bevolking - laat rijpen over een nieuwe Europese constructie. De Europese bevolking wordt het gekibbel onder de lidstaten langzaam beu, en merkt dat een beleid waarvan de oogkleppen enkel toelaten om bezuinigingen te zien, geen vruchten afwerpt. Integendeel, de werkloosheid in Europa stijgt, de armoede neemt toe en lidstaten komen steeds vaker lijnrecht tegenover elkaar te staan. Barroso heeft de Europese gedachte assertiever dan ooit naar buiten gebracht en daarin mag hij rekenen op de steun van de Europese sociaaldemocraten.