Reactie op de stemming rond transparantie omtrent de onkostenvergoeding van Parlementsleden

Het bureau van het Europees parlement heeft gisteren striktere transparantieregels voor de onkostenvergoedingen van Europese parlementsleden verworpen. Daar is –volkomen terecht - veel kritiek op gekomen. Helaas verwierpen ook enkele leden van de fractie van socialisten en democraten (S&D) deze transparantieregels. Ik ben, als een van de vice-voorzitsters van S&D, geschokt dat 3 van de 5 S&D-leden van het bureau zijn afgeweken van de fractielijn die wel degelijk inhield dat er een grotere transparantie moest komen over de besteding van de onkostenvergoedingen van Europese parlementsleden. 

 Hoewel striktere verplichte transparantieregels door het bureau van het parlement verworpen werden, hanteert sp.a binnen het Europees parlement  een eigen transparantiebeleid met volgende principes: 

  1. de Algemene Onkostenvergoeding wordt gestort op een afzonderlijke rekening;
  2. van alle uitgaven die met de Algemene Onkostenvergoeding gebeuren, worden de bewijsstukken bijgehouden;
  3. over deze bewijsstukken wordt een boekhouding gevoerd door een externe boekhouder;
  4. per kwartaal wordt een overzicht van de uitgaven die met de Algemene Onkostenvergoeding gebeurden (per categorie), gepubliceerd op de website van de leden van de sp.a fractie;
  5. het niet-bestede bedrag van de Algemene Onkostenvergoeding wordt op het einde van de legislatuur teruggestort aan het Europees Parlement.

Op mijn website kan iedereen de gedragscode raadplegen waaraan mijn team en ik ons houden. Op diezelfde website publiceer ik eveneens een lobbyregister waarin alle contacten die mijn medewerkers en ikzelf met lobbyisten hebben, gepubliceerd worden.   

Ik zal me in de toekomst dan ook, zowel binnen het Europees parlement, als binnen mijn eigen fractie, blijven inzetten om een grotere transparantie na te streven met betrekking tot het werk dat wij als Europese parlementsleden verrichten.