Liberale jojo: eerst voor en dan tegen Europese boetes zijn

 De Europese Commissie beslist woensdag of België een superboete opgelegd krijgt omdat ons land al drie jaar lang de budgettaire afspraken niet heeft nageleefd. De boete kan oplopen tot 0,2 procent van het bruto binnenlandse product, of omgerekend 765 miljoen euro. Die boete is het gevolg van de goedkeuring van het zogenaamde six pack, een reeks maatregelen die tot doel hadden de lidstaten tot een strak begrotingsbeleid te verplichten. Om die fiscale discipline bij de lidstaten af te dwingen werden er ook sancties voorzien. De Europese sociaaldemocraten stemden in het Europees parlement tegen dat six pack omdat we vreesden dat het ons niet uit de crisis zou halen, maar integendeel de crisis nog zou verdiepen en omdat het verhindert dat we investeren in duurzame groei en jobs. Dat liberalen van Open VLD zagen dat anders. “Goedkeuring 'Six Pack' volgende week geeft Europees toezicht tanden,” twitterde Open VLD in september 2011. Het six pack las dan ook als een liberaal pamflet dat oproept om de overheden te ontvetten en werd bijgevolg juichend goedgekeurd door Europese conservatieven en liberalen. Sindsdien werd het ook verdedigd door Open VLD.

In oktober 2011 zei toenmalig kamerlid Gwendolyn Rutten: “Een voorstel dat helpt om het financiële huishouden van dit land structureel gezond te maken, kan op de steun van Open Vld rekenen.” Maar nu de bejubelde ‘tanden van het Europese toezicht’ dreigen te bijten, jammert voorzitter Gwendolyn Rutten over ‘cijferfetisjisme.’ “Een economie gaat om mensen, niet om cijfers, tabellen en grafieken,” klinkt de blauwe paniekreactie. Nochtans zei Rutten op 29 september 2011 op Radio 1 dat het six pack afspraken vastlegt “over het begrotingskader zodat er in de toekomst niet meer met cijfers kan geknoeid worden.” Was dat toen ook cijferfetisjisme? De Europese sociaaldemocraten vonden van wel, de liberalen betwistten dat. “Er komen ook boetes,” wist Rutten nog, om te vermijden dat we een Griekenlandscenario meemaken. Vandaag vindt Open VLD die boetes plots niet zo’n goed idee. Nochtans zei ook toenmalig voorzitter Alexander Decroo op de nieuwjaarsreceptie van zijn partij vorig jaar: "Enkel door te kiezen voor besparingen, voor hervormingen en voor een gezonde begroting geraken we er uit". Hij kreeg toen applaus van het bedrijfsleven.

Uiteraard zijn wij gekant tegen zo’n Europese superboete, niet zozeer omdat er geen sancties mogen bestaan op het overtreden van wetten - in dit geval Europese wetten - maar omdat die Europese bezuinigingswetten van meet af aan verkeerde prioriteiten legden. Het belang van investeringen wordt immers volledig genegeerd zodat er geen enkele afweging wordt gemaakt waarvoor overheidsuitgaven nu echt gebruikt worden. Een euro investeren in onderwijs of innovatie is immers iets anders dan een euro investeren in defensie. Een echt relancebeleid houdt wel rekening met de impact van overheidsinvesteringen.

Het Europese bezuinigingsbeleid mag dan al een liberale droom zijn, het werkt niet. In 2011 zei Nobelprijswinnaar Jozeph Stigliz al dat het “conservatieve medicijn het allerslechtste is tegen de ziekte waaraan de economie lijdt”, en dat het “bezuinigingsbeleid het pad effent naar de zelfmoord”. Stigliz kreeg navolging van een hele rist topeconomen en in april van dit jaar liet zelfs het Internationaal Monetair Fonds nog weten dat het bezuinigingsbeleid economische groei tegenwerkt. De Europese sociaaldemocraten pleiten al jaren voor een meer gebalanceerde aanpak van de crisis, die de begrotingen op orde brengt zodat de volgende generaties niet met onze problemen opgezadeld worden, maar die voldoende ruimte biedt voor de noodzakelijke investeringen in duurzame ontwikkeling, transitie, jobs en publieke dienstverlening, die de Europese bevolking weer hoop bieden op een betere toekomst. Het mag duidelijk zijn dat de liberalen die evenwichtige aanpak nooit zagen zitten. Bovendien hebben de Europese conservatieven nooit enige probleem gemaakt van de het democratisch deficit dat ontstaan is door de invoering van het liberale bezuinigingsfetisjisme. Geen enkel parlement heeft ooit inspraak gehad in het dwingende karakter van het bezuinigingsbeleid en de sancties die er het gevolg van zijn, wat geleid heeft tot een totale vertrouwensbreuk tussen de Europese bevolking en de EU.

Nu wenen dat de gevolgen van het eigen liberale beleid niet eerlijk zijn, is hypocriet of zoals het spreekwoord zegt: eerst gedaan en dan gedacht, heeft menigeen in tranen gebracht.