​Europees parlement stelt zomertijd voor als standaardtijd

In de transportcommissie van het Europees parlement wordt straks gestemd over de afschaffing van het wisselende zomer- en winteruur. “De kwestie houdt veel mensen bezig,” zegt Europees parlementslid Kathleen Van Brempt. “4,6 miljoen burgers hebben deelgenomen aan de openbare raadpleging van de Europese Commissie, het grootste aantal reacties dat ooit door de Commissie werd ontvangen. Vier op de vijf Europeanen zijn voor een afschaffing van de jaarlijkse tijdswisseling.” 

Het parlement is het er mee eens dat de uurwisseling afgeschaft wordt, maar benadrukt dat er best één geharmoniseerde standaardtijd in Europa komt. De EU kan weliswaar bepalen of er een tijdswissel komt of niet, maar niet voor welke standaardtijd de lidstaten moeten kiezen. “Daarom stellen we voor de zomertijd overal als default te gebruiken,” zegt Van Brempt, “maar lidstaten wel de vrijheid te geven daar eventueel van af te wijken. Lidstaten die dat willen, moeten dat bekend maken tegen april 2020. Het parlement stelt voor een eind te maken aan de tijdsverandering in 2021.”

In maart, enkele dagen voor de zomertijd weer van kracht is, komt het voorstel ter stemming voor de plenaire vergadering. Ook de Raad moet er zich nog over uitspreken. Het onderwerp staat op de agenda in april.