Duitse verkiezingscampagne komt (eindelijk) op gang

Even leek het alsof de strijd om het Duitse bondskanseliersschap reeds voor de start van de verkiezingscampagne gestreden was. Huidig bondskanselier Angela Merkel scheerde hoge toppen in de peilingen en wist meer dan 40% van de stemmen achter haar haar partij te scharen. Haar belangrijkste uitdager, Peer Steinbrück (SPD), daarentegen leek niet uit de startblokken te geraken. Een alternatief bieden voor de immens populaire 'Angie' leek uitgesloten. 
 
Bovendien had Steinbrück de wind niet in de zeilen. De Duitse sociaal-democraten slepen reeds geruimte tijd de ondertussen beruchte Hart IV-hervorming, de Duitse arbeidsmarkt- en uitkeringshervorming die destijds door de regering van de sociaal-democratische Schröder werd doorgevoerd, als een erfpacht met zich mee. Steinbrück bezit volgens velen, mede door enkele ongelukkige uitspraken, niet het juiste profiel, noch de overtuigingskracht om de asociale hervormingen resoluut naar de prullemand te verwijzen. 
 
De SPD-kandidaat kon licht teren op het imago van ‘goede huisvader voor de Duitse financiën’ en dus leek de strijd vooral te gaan over welke coalitie er na de verkiezingen tot stand zou komen. Veel zou dan afhangen van het resultaat van de liberale FDP, de huidige coalitiepartner van Merkel. Omdat de Duitse liberalen sinds de start van hun regeringsdeelname de meeste van hun stemmen zagen verdwijnen als sneeuw voor de zon flirt de partij nu met de kiesdrempel. Maar ook hier leken de uitspraken van Steinbrück Merkel een handje toe te steken. In de laatste peilingen zou de rechts-conservatieve coalitie van CDU en FDP een nipte meerderheid behalen, terwijl de groen-rode coaltie bleef steken op 44 procent. 
 
Tot vorige week het eerste (en tevens ook enige) verkiezingsduel tussen beide kandidaten voor het bondskanselierschap werd gehouden. Steinbrück verrastte en wist op sommige momenten zelfs het economische verhaal van Merkel aan de kant te schuiven. Met thema's als Europa, minimumlonen en een strijd voor meer sociale rechtvaardigheid leek de sociaal-democraat eindelijk een alternatief te kunnen bieden voor het 'there is no alternative'-discours van rechts. 
 
De meningen achteraf waren verdeeld. Volgens de ene bron had Steinbrück een overtuigende overwinning weten te boeken, terwijl de andere bron van een nipte voorsprong voor Merkel sprak. In realiteit - en uit cijfers van het peilingsinstituut Forsa - draaide het debat uit op een gelijkspel. Merkel bleef overeind als geloofwaardige en degelijke bondskanselier, maar moest op terreinen als sociaal beleid, europees beleid en sociale rechtvaardigheid haar meerdere in de sociaal-democraat herkennen. Bovendien toonde Steinbrück zich opvallend strijdlustig. Het leverde hem het voordeel op als vertegenwoordiger van de Duitse belangen bij de Europese Unie. 
 
Het blijft afwachten of de SPD erin slaagt om de tij te keren. Merkel blijft als politica enorm populair en wordt gezien als de verpersoonlijking van de Duitse 'gründlichkeit'. Er is duidelijk nog werk aan de winkel.