Akkoord over projectobligaties

Het Europees parlement en de Raad zijn tot een akkoord gekomen over het uitschrijven van Europese projectobligaties. Geen wondermiddel, maar wel een eerste belangrijke stap in de discussie over groeistrategie.

Deze projectobligaties kunnen immers middelen aantrekken om grote Europese infrastructuurprojecten te organiseren, in eerste instantie in de transportsector. Later kan dat ook in de energiesector of de ICT.
Binnen de huidige Europese begroting wordt in een eerste stadium een relatief bescheiden bedrag van 230 miljoen euro vrijgemaakt waardoor private investeerders minder risico’s zouden lopen als ze willen participeren. De Europese Investeringsbank EIB en de Europese Commissie staan daar als het ware garant voor en zorgen er door hun bijdrage voor dat de obligaties kunnen rekenen op een hogere beoordeling door de kredietbeoordelaars.

Mijn collega en partijgenoot Saïd El Khadraoui was als lid van de transportcommissie in het Europees parlement betrokken bij de totstandkoming van de testfase. In deze testfase zou tot 4,5 miljard euro gegenereerd worden, wat goed is voor twee tot vier grote projecten. In de volgende meerjarenbegroting 2014-2020 wordt dat budget voor innovatieve financieringsinstrumenten opgetrokken tot 2 miljard euro, wat dus kan leiden tot 40 miljard extra middelen die naar infrastructuurprojecten kunnen gaan, bovenop de gewone investeringsbudgetten.

De sociaaldemocraten hebben lang gewacht op een dergelijk akkoord. Dit is een signaal dat de Europese regeringsleiders eindelijk hebben begrepen, dat doorgedreven saneringen niets uithalen indien dit niet wordt gekoppeld aan een duidelijke groeistrategie. Stap één is gezet.