Financiële sector moet investeren in duurzame toekomst

Banken, verzekeraars, pensioenfondsen en andere financiële instellingen moeten bijdragen aan een duurzame en rechtvaardigere wereld. Het akkoord dat hierover bereikt werd tussen het Europees Parlement, de Commissie en de lidstaten wordt donderdag bekrachtigd in het Europees parlement. De nieuwe regels verplichten financiële instellingen om milieu- en sociale overwegingen te integreren in hun beslissingen en transparant te zijn over investeringen in projecten die schadelijk zijn voor het milieu, het klimaat of voor de arbeidsomstandigheden van werknemers.

Het pakket maatregelen voor Duurzame Investeringen wil investeringen in lijn brengen met de Klimaatakkoorden van Parijs en de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG’s) van de VN. “De omslag maken naar een duurzame economie is onmogelijk als financiële instellingen geld blijven steken in projecten of bedrijven die zo’n duurzame economie ondergraven,” zegt Europees parlementslid Kathleen Van Brempt. “Instellingen moeten hun korte termijndenken dringend verschuiven naar de lange termijn. Financieringen die op korte termijn mogelijk winst opleveren, maar die een duurzame samenleving in de weg staan zoals wapenindustrie, kinderarbeid of mensonwaardige arbeidsomstandigheden moeten zo aan het licht komen. De nieuwe regels bepalen dat financiële instellingen bekend moeten maken waarin ze investeren, zodat duidelijk wordt of hun investeringen bijdragen tot het bereiken van de duurzame ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties of de Klimaatakkoorden van Parijs.” 

De regelgeving maakt deel uit van het “duurzaam investeringspakket” dat ook definieert wat nu precies sociaal én ecologisch duurzame investeringen zijn, zodat greenwashing vermeden kan worden. “Zo kunnen we verhinderen dat zogenaamde duurzame investeringen misbruikt worden om bijvoorbeeld ‘efficiëntere steenkoolcentrales’ te bouwen, zoals eerder al is gebeurd.”  Een derde luik legt aan beursgenoteerde bedrijven een benchmark op zodat ze voortaan, naast aan financiële vereisten, ook zullen moeten voldoen aan sociale en milieucriteria.

Dit is een belangrijke stap om de druk op die sector te verhogen en de transitie naar een duurzame economie te versnellen. Bovendien is die transparantie onmisbaar voor de steeds groeiende groep mensen die bewust duurzaam willen investeren.,” zegt Van Brempt. “Uit het succes van campagnes zoals “move your money” blijkt dat mensen het niet langer pikken dat hun spaarcenten op een niet-duurzame manier belegd worden.

Wat Europa verwacht van de financiële sector, moet ze uiteraard ook zelf toepassen. In het InvestEU-programma - de opvolger van het zogenaamde Juncker investeringsplan - dat ook donderdag wordt gestemd, komt de focus daarom meer te liggen op duurzame investeringen. Het investeringsprogramma wil tussen 2021 en 2027 zo’n 500 miljard aan investeringen uitlokken. In het luik “duurzame infrastructuur” moet nu minstens 55 procent van de middelen actief bijdragen aan het halen van de milieu- en klimaatdoelstellingen van de EU. In het luik van de sociale investeringen heeft het Parlement ook het principe van ethisch financieren toegevoegd. Volgens Van Brempt moeten overheden zelf het goede voorbeeld geven en actief duurzame investeringen opzoeken en doorvoeren. Zo zullen financiële instellingen én individuen ook sneller mee op de kar springen”.