Taks op wegwerpplastics zou goede zaak zijn

De Europese Commissie heeft vandaag haar plastic strategy bekend gemaakt, een actieplan om het gebruik van plastic te beperken en hergebruik en recyclage te verbeteren. Wij steunen het voorstel om eventueel een taks op wegwerpplastics in te voeren. Al vind ik echter dat de Commissie ook een algemeen verbod op microplastics moet invoeren.

Het Chinese importverbod op plastic afval dat sinds begin januari van kracht is, dwingt zowat de hele Westerse wereld om haar beleid inzake het gebruik van pastics grondig te herzien. “Tot voor kort ging het leeuwendeel van het Europese ingezamelde plastics met schepen naar China. Jaarlijks verwerkte China ruim de helft van de wereldwijde plastic afvalberg. Maar China wil niet langer opdraaien voor yang laji or ‘buitenlands afval’. Dat betekent dat wij zelf met oplossingen moeten komen voor het plastic-probleem, wat door de Verenigde Naties omschreven werd als een ‘crisis van planetaire omvang’.

Met haar Plastic strategy wijst de Europese Commissie alvast de weg, hoewel de goede voornemens nog moeten omgezet worden in duidelijke actieplannen. We moeten alvast meer inzetten op recyclage. Vandaag wordt slechts 30 procent van de opgehaalde plastics effectief gerecycleerd. Dat cijfer moet omhoog naar 50 procent voor verpakkingen tegen 2030. We moeten dus de capaciteit om te sorteren en recycleren in heel Europa verviervoudigen. De Commissie wil ook dat alle plastic verpakkingen tegen 2030 recycleerbaar zijn. Om producten recycleerbaar te maken, zal er gewerkt moeten worden aan productnormering, waarbij we niet enkel moeten kijken naar het ‘levenseinde’ van producten maar ook naar de ontwerp-fase. Producten moeten zo ontworpen worden dat hun grondstoffen recycleerbaar worden naar hoogwaardige plastics. We moeten dus ook normen hebben voor ‘design for reuse’ (ontwerp voor hergebruik) en design for recycling (ontwerp voor recyclage) om de kwaliteit van de ingezamelde plastics te verhogen.

Maar het is niet omdat producten recycleerbaar zijn, dat ze ook effectief gerecycleerd worden. Daarom moet de Commissie ook iets doen aan de vraagzijde van gerecycleerde materialen. Dat kan via 'recycled content productnormen’, namelijk normen voor de minimale hoeveelheid gerecycleerde grondstoffen die producten moeten bevatten. Zo zouden we kunnen stellen dat bijvoorbeeld 30 procent van de plastics in nieuwe wagens uit gerecycleerd materiaal moet bestaan.

Er zijn helaas ook plastics die nauwelijks recycleerbaar zijn, zoals deze die eenmalig gebruikt worden of microplastics in ondermeer cosmeticaproducten. Voor wegwerpplastics zoals rietjes, wegwerpbekers of tubes, kondigt de commissie een regelgevend initiatief aan en wil ze onderzoeken of een plastic-taks mogelijk is. Die gaat uit van het principe dat de vervuiler betaalt en moet het gebruik van deze plastics ontmoedigen. Dat vinden wij een goede zaak.

Een plastic taks zal echter op behoorlijk wat tegenkanting kunnen rekenen. Lidstaten willen hun belastingregimes in eigen handen houden. De suggestie dat een plastic taks zou kunnen zorgen voor eigen inkomsten voor de Europese schatkist, zorgt ook voor wrevel. Vandaag mogen lidstaten bijvoorbeeld een taks heffen op plastic tasjes, maar die inkomsten komen in de eigen schatkist terecht. Bovendien is het onverstandig om met een plastic taks de eigen begroting op te smukken. De doelstelling van zo’n taks is immers dat ze op het eind niets opbrengt. Nochtans zou het goed zijn dat er een Europese dwingende aanpak komt en dan zou zo’n taks een goede zaak zijn. De andere optie is dat niet de vervuiler betaalt, maar gewoon stopt met vervuilen. Dat zou kunnen met een verbod op wegwerpplastics.

Om microplastics te bannen - kleine plastic-korrels in cosmeticaproducten zoals shrubs en tandpasta - zou de Commissie een grotere inspanning kunnen doen. Wij pleiten voor een algemeen verbod, in plaats van dat geval per geval te onderzoeken via de Registration, Evaluation, Authorisation and Restriction of Chemicals (REACH). Microplastics komen ook vrij bij slijtage, ondermeer van autobanden. Ook daar hebben we nog geen doortastend vooruitzicht op oplossingen door bijvoorbeeld de productnormen voor autobanden te verstrengen.

Bij de publieke opinie is het plastic-probleem vooral bekend van de plastic soep - gigantische drijvende eilanden van afval - in de oceanen. Een groot deel daarvan is afkomstig van de scheepvaart, zowel van schepen die illegaal plastic dumpen als van visnetten in de visserijvaart. De Commissie wil via de ‘Havenontvangstvoorzieningen voor scheepsafval en ladingresiduen’ schepen die in Europese havens aanmeren een bijdrage laten betalen voor de verwerking van afval. Dat zou de scheepvaart moeten aansporen om dat afval aan land te laten verwerken in plaats van in zee te dumpen. Dat vinden wij een uitstekende maatregel. Voor de visserij is er nog geen voorstel, maar een statiegeldsysteem op visnetten zou ook een prikkel kunnen geven om zorgvuldiger om te springen met afgedankte visnetten.

De voorstellen van de Commissie zijn een belangrijke stap in de aanpak van het plastic-crisis. Het maakt duidelijk dat we meer moeten inzetten op de circulaire economie waarbij grondstoffen zo lang mogelijk en op een zo hoogwaardig mogelijke manier in de technologische kringloop moeten blijven. Zo’n circulaire economie heeft enkel voordelen. Ze bouwt het afvalprobleem af, maakt ons minder afhankelijk van ruwe grondstoffen die we meestal moeten importeren, zorgt voor nieuwe technologische evoluties én de daarbij horende jobs die daardoor in Europa zelf gecreëerd worden.