​S&D wil Europese onderzoekscommissie naar Volkswagenschandaal

De Europese sociaal-democraten (S&D) hebben, op mijn voorstel, beslist een onderzoekscommissie te vragen naar het Volkswagenschandaal. We willen weten waarom de Europese instanties er niet in geslaagd zijn de sjoemelsoftware te ontdekken, vooral nu is uitgelekt dat de Europese Commissie daar al in 2012 van op de hoogte werd gebracht.

De onderzoekscommissie die wij voorstellen, moet de reeds lopende onderzoeken naar Volkswagen in de verschillende lidstaten niet nog eens dunnetjes overdoen. Het onderzoek moet zich toespitsen op de vraag waarom de Amerikaanse Environmental Protection Agency (EPA) er wel in geslaagd is de sjoemelsoftware te ontdekken en de Europese instanties - zowel in de lidstaten als op EU-niveau - dat niet konden. We willen weten wat er in het handhavingsbeleid mis is gelopen.

Die vraag wordt des te belangrijk nu gisteren in de Duitse pers uitlekte dat voormalig EU-commissaris voor industrie Antonio Tajani al in 2012 op de hoogte was gebracht dat constructeurs sjoemelsoftware gebruiken. Ook in een rapport uit 2013 van het Joint Research Centre van de Europese Commissie werd gewezen op het bestaan van dergelijke sjoemelsoftware, maar geen enkele Europese instantie ging na of ze ook effectief gebruikt werd. Het rapport stelt eveneens dat de Europese instanties geen weet hebben van nationale instanties die op zoek gingen naar de software.We moeten nu echt weten wat er gebeurde,” zegt Van Brempt. “Wat wist de Commissie, wat kon ze weten en wat behoorde ze te weten? En vooral: wat heeft de Commissie gedaan, wat heeft ze nagelaten te doen en waarom?

De Sociaal-democraten willen eveneens dat de uitstoot van auto’s in de toekomst gemeten wordt via een Real Driving Emission test, die de uitstoot meet onder reële rijomstandigheden. Niet alleen moet die test er komen, maar de afwijkingen moeten beperkt blijven tot de technische foutenmarge. Nu worden de afwijkingsmarges gebruikt als een achterpoortje om toch een hogere uitstoot toe te laten. Dat werd bovendien beslist op 28 oktober in een zogenaamde comitologische procedure, door ambtenaren van de lidstaten in een technische commissie. Wij vinden dat daarmee de bevoegdheden van het Europees parlement werden uitgehold. Daarom sturen we vandaag een brief naar alle bevoegde ministers in de lidstaten waarin we duidelijk maken dat we zowel de beslissing als de procedure onaanvaardbaar vinden. In de aanloop naar de Klimaattop in Parijs van volgende week kunnen we een falende Europese milieuwetgeving niet tolereren en mogen we evenmin het signaal uitsturen dat Europa geen belangstelling heeft voor schone technologieën.