Dieselgate-commissie sluit net rond sjoemelende auto-constructeurs

Europese Commissie start ingebrekestelling tegen zeven lidstaten

Onder druk van de Dieselgate-onderzoekscommissie heeft de Europese Commissie vandaag beslist ingebrekestellingsprocedures op te starten tegen zeven lidstaten die nagelaten hebben de Europese wetgeving inzake de uitstoot van auto’s toe te passen. Dit is een eerste belangrijke overwinning van de onderzoekscommissie in de strijd tegen de onaanvaardbaar hoge uitstoot van dieselwagens.

Zoals inmiddels bekend, stoten nieuwe dieselwagens bij normaal gebruik op de weg vier tot vijf keer meer schadelijke stoffen uit dan toegelaten. Verschillende autofabrikanten probeerden die hoge uitstoot te verbergen door de wagens te voorzien van sjoemelsoftware die ofwel tijdens de controle op de testbank de rookgasreiniging inschakelde ofwel bij bepaalde temperaturen of na een bepaalde tijd de rookgasreiniging op de weg uitschakelde. Het is de verantwoordelijkheid van de toezichthouders in de lidstaten om die wagens te controleren, zowel bij de aflevering van de typegoedkeuring, als nadien bij het zogenaamde markttoezicht. Ze moeten desgevallend sancties opleggen. We moesten echter wachten op Amerikaans onderzoek alvorens bekend werd dat Europese wagens met sjoemelsoftware waren uitgerust. De verantwoordelijkheid van de nationale toezichthouders is dan ook verpletterend.

Tijdens de hoorzitting van 12 september van de Dieselgate-commissie (EMIS) verklaarde de bevoegde Commissaris voor industrie Elżbieta Bieńkowska: “In die gevallen waar de regels overtreden of misbruikt werden door autoconstructeurs, zijn de lidstaten verplicht om hen sancties op te leggen. Als zij dat niet doen, dan zal ik mijn macht gebruiken om de ingebrekinstellingsprocedure toe te passen en niets zal mij ervan weerhouden dat ook te doen.” 

Bieńkowska heeft haar belofte waar gemaakt, nu ze verschillende zogenaamde ‘letters of formal notice’ stuurt naar Duitsland, de Tsjechische republiek, Griekenland, Litouwen, Luxemburg, Spanje en het Verenigd Koninkrijk. Dat is de eerste stap van een ingebrekestellingsprocedure. 

Tegen de Tsjechische republiek, Litouwen en Griekenland heeft de procedure betrekking op het niet omzetten van de Europese richtlijnen over de typegoedkeuring in nationale wetgeving. Daardoor zijn er in die landen ook geen doeltreffende en afschrikwekkende sancties voorzien voor constructeurs die de wet overtreden.

Tegen de andere lidstaten heeft de ingebrekestelling te maken met het uitblijven van gepaste sancties bij reeds vastgestelde overtredingen. Dat is uitermate belangrijk, omdat dit een einde maakt aan de systematische straffeloosheid die is ontstaan. Lidstaten durven immers niet optreden tegen overtreders omdat ze de bescherming van hun eigen auto-industrie boven deze van de gezondheid van hun eigen burgers plaatsen.

Duitsland en het VK onderzochten of constructeurs ten onrechte sjoemelsoftware gebruikten en kwamen tot de conclusie dat het gebruik ervan binnen de Europese regelgeving viel. Maar omdat beide landen weigerden de technische gegevens die dat ook moeten bewijzen, over te maken aan de Commissie, krijgen ze een extra ingebrekestelling opgelegd. Ook dat is belangrijk omdat autoconstructeurs zich achter het argument verbergen dat ze eigenlijk niets verkeerds hebben gedaan en die stelling bevestigd zien door de betrokken lidstaten. Maar Europa mag blijkbaar niet controleren of dat in werkelijkheid ook zo is. Ons onderzoek wijst wel degelijk uit dat door het gebruik van sjoemelsoftware de Europese wetgeving overtreden is, zo vindt nu ook de Europese Commissie.

We moeten dit soort belangenconflicten in de toekomst vermijden. Wij stellen daarom de oprichting van een onafhankelijk European Vehicle Surveillance Agency (EVSA) voor, dat niet alleen het werk van de nationale toezichthouders kan controleren, maar ook zelf controles kan uitvoeren. De milieucommissie van het Europees parlement heeft inmiddels ons voorstel overgenomen in haar advies over de herziening van de regelgeving inzake typegoedkeuring en markttoezicht. Laat ons nu hopen dat de lidstaten ophouden met de kop in het zand te steken, sjoemelende constructeurs nu echt gaan aanpakken en meewerken aan een versterkt markttoezicht op EU-niveau in plaats van de plannen van de Commissie af te zwakken. Enkel een versterkt markttoezicht op EU-niveau garandeert een snel en doortastend optreden met voldoende afschrikwekkende sancties en remediërende acties zoals verplichte terugroepingen die over heel de EU kunnen gecoördineerd worden.

Ik ben tevreden dat de Commissie eindelijk is ingegaan op de vraag van de onderzoekscommissie om streng op te treden. Het werk van de Dieselgate commissie loopt nog een tijdje door, maar we zijn blij dat we nu al concrete resultaten zien en dat de Commissie haar werk doet.