Ontgoochelend antwoord van Juncker aan bezorgde Europese parlementsleden

Juncker danst rond hete brij als het over duurzaamheid gaat

Jean-Claude Juncker, voorzitter-elect van de Europese Commissie, heeft geantwoord op de twee brieven van 46 Europese parlementsleden, waaronder ikzelf, die zich eerder ernstige zorgen hadden gemaakt over het gebrek aan ambitie van de nieuwe Commissie inzake milieu- en klimaatbeleid. Dat antwoord is ronduit ontgoochelend. Het gebrek aan ambitie zal voor ons een belangrijk thema worden tijdens de hearings van de volgende weken.

Nadat Jean-Claude Juncker begin september de structuur van zijn nieuwe Commissie had voorgesteld, schreven 46 Europese parlementsleden, op initiatief van de Europese sociaal-democraten, een brief waarin ze zich bezorgd toonden over de zwakke positie van zowel de milieu- als de klimaatportefeuille in de nieuwe Commissie. Zo werden de strijd tegen de klimaatopwarming én het energiebeleid ondergebracht bij één commissaris, die verantwoording moet afleggen aan een vice-president die bevoegd is voor de energie-unie. Milieu zit dan weer in de portefeuille van een commissaris, die verantwoording moet afleggen aan een vice-president bevoegd voor jobs, groei, investeringen en competitiviteit. Geen enkele vice-president van Juncker heeft een milieubevoegdheid. Dat gaf ons alvast de indruk dat zowel klimaat als milieu ondergeschikt zijn aan economische groei en competitiviteit. 

Gisteren ontvingen we een antwoord van Juncker. Eigenlijk komt Juncker niet verder dan de uitspraak dat duurzame ontwikkeling onderdeel uitmaakt van het Europees Verdrag en dus in alle beleidsdomeinen aan bod moet komen. Dat zou inderdaad zo moeten zijn, maar de missie-brieven die Juncker aan zijn verschillende commissarissen stuurde, beloven niet veel goeds. Zo bevat het mandaat voor de toekomstige milieucommissaris nogal wat passages die milieu ondergeschikt maken aan de interne marktwerking, wat zoveel betekent als zeggen dat milieubeleid ten dienste moet staan van groei en competitiviteit. Verder krijgt de nieuwe commissaris de opdracht niet te veel regeltjes te maken, terwijl we net daar een stevige regelgeving nodig hebben. De missie-brief aan de commissaris voor energie en klimaatactie gaat dan weer hoofdzakelijk over energie en nauwelijks over klimaat. Uiteraard is energiebeleid uiterst belangrijk als het gaat over de strijd tegen de klimaatverandering, maar het accent ligt onvoldoende op die problematiek. Juncker heeft het vooral over alternatieven voor de grondstoffen die via Oekraïne uit Rusland komen en over hoe de EU nieuwe contracten moet onderhandelen. Verder pleit hij gelukkig wel voor afdwingbare doelstellingen inzake energie-efficiëntie, maar hij legt die met 30 procent tegen 2030 te laag. Het parlement wil 40 procent. Voor hernieuwbare energie stelt hij niet eens doelstellingen. Dat is uitermate vreemd, gezien hij eerder in de brief zei dat Europa “de nummer één in de wereld op gebied van hernieuwbare energie moet worden. Hoe hij dat wil bereiken, blijft een mysterie. 

Ik beloof alvast dat de Europese sociaal-democraten tijdens de hearings met de toekomstige commissarissen, die vanaf maandag van start gaan, het gebrek aan ambitie en de vaagheid van de beleidsvoorstellen inzake duurzaamheid op de korrel zullen nemen. Of een commissaris grote of minder grote kwaliteiten heeft, is ondergeschikt aan het mandaat dat hij of zij heeft gekregen. Als je moet vliegen met gekortwiekte vleugels, geraak je nergens. Europa kan het zich niet permitteren om wereldleider te willen zijn inzake duurzaamheid, om dan verder vaag te blijven over de manier waarop dat moet gebeuren. Daarover zullen Juncker en zijn commissarissen verduidelijking moeten geven.