Europees parlement stemt over stillere geluidsnormen voor auto’s

 Het Europees Parlement (EP) stemt morgen in plenaire zitting over nieuwe geluidsnormen voor wagens. Dat belooft spannend te worden, want hoewel de nieuwe normen het lawaai met de helft kan reduceren, vrezen tegenstanders dat het de autoindustrie schade kan berokkenen. Het parlement moet nu kiezen voor de gezondheid van de Europese burgers.

In december stemde de commissie milieu al over nieuwe geluidsnormen voor motorvoertuigen, een erg spannende en nipte stemming. Met amper één stem op overschot slaagde een progressieve meerderheid er in om normen goed te keuren die een flinke stap vooruit kunnen betekenen. Vooral de conservatieven in het Europees parlement vrezen dat strengere normen de autoindustrie zullen schaden. Maar dat is een drogreden. Heel wat constructeurs beschikken reeds over de technologie én zelfs over nieuwe modellen die in orde zijn met de voorgestelde normen. Vandaag voldoet al ongeveer 63 procent van de nieuwe personenauto's aan het voorstel voor de eerste fase van de nieuwe normering en ongeveer 27 procent aan de tweede fase die binnen 5 jaar van kracht zal zijn.
 
Verkeerslawaai is een ernstig en onderschat probleem. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie is verkeerslawaai, na luchtvervuiling, het op één na grootste milieuprobleem met betrekking tot de volksgezondheid. Uit het voorbereidende studiewerk dat de Europese commissie liet doen bij de opmaak van de nieuwe normen, kwam naar voor dat jaarlijkse circa 50.000 Europeanen overlijden aan de gevolgen van geluidsoverlast door verkeer. Geluidsoverlast wordt medisch gelinkt aan stress, slaapstoornissen en chronisch oorsuizen (tinnitus) en bij hoge blootstelling aan bloeddrukproblemen en zelfs hartfalen. De kosten voor de samenleving die gepaard gaan met de gezondheidsimpact ervan worden geraamd op 40 miljard euro per jaar. In ons land klagen vooral stedelingen over geluidsoverlast. Uit de stadsmonitor van 2011 blijkt dat meer dan 40 procent van de inwoners van Antwerpen, Gent, Aalst en Sint-Niklaas klagen over geluidshinder. In Antwerpen loopt dat op tot 45,2 procent.
De aanpak van geluidsproblemen bespaart niet enkel heel wat kosten in de gezondheidssector, als ze aan de bron worden aangepakt, bespaart het ook dure maatregelen om verkeersgeluid te temperen, zoals geluidsschermen. Geluidschermen en gevelisolatie kosten respectievelijk 4200 euro en 360 euro per persoon die door het veroorzaakte geluid gehinderd wordt.
 
De nieuwe normen die de Europese Commissie voorlegde,  doen het lawaai met 4 decibels dalen voor personenwagens (in twee stappen: 2+2) en met 3 decibels (2+1) voor vrachtwagens over een periode van acht jaar. In de praktijk betekent dat voor de waarnemer dat voertuigen de helft minder lawaai maken. De leefmilieucommissie van het Europees parlement maakte daarvan: één stap, met dezelfde norm, te behalen binnen zes jaar na goedkeuring van de richtlijn. Verder wil het ontwerp ook systemen voor stille voertuigen zoals elektrische wagens normeren om de veiligheid van blinden en slechtzienden te garanderen door een minimum aan geluid te voorzien. Daarnaast zouden consumenten in de toekomst, net zoals dat al het geval is voor bijvoorbeeld de CO2-uitstoot, een label te zien krijgen dat informeert over de ‘geluidsuitstoot’ van het voertuig.
 
Ondanks de duidelijke gezondheidsvoordelen van de voorgestelde geluidsnormen zal de plenaire stemming opnieuw spannend worden. Ik hoop dan ook dat mijn collega’s de gezondheid van de Europese burgers prioriteit zullen geven. Geluidsoverlast is misschien wel de meest onderschatte bedreiging voor de volksgezondheid. Ik heb begrip voor de moeilijkheden van de auto-industrie, maar dit is een haalbare uitdaging die ze niet uit de weg mogen gaan.