Twee jaar na Fukushima heeft Europa nog steeds geen lessen getrokken uit de ramp

 Precies twee jaar geleden verwoestte een tsunami de kerncentrale van het Japanse Fukushima. Duizenden mensen stierven, tienduizenden riskeren kankers te ontwikkelen. De enige reactie op het drama is dat we in Europa stresstests gaan uitvoeren op onze kerncentrales. Die stresstests zullen ons geen enkele garantie bieden dat onze kerncentrales veilig zijn. Kernenergie heeft geen plaats meer in het energielandschap van de toekomst.

Twintigduizend mensen stierven na de ramp in Fukushima. Honderd miljard euro zal het kosten om de vernietigde kerncentrale van Fukushima weer schoon te maken. Daarin zijn de vergoedingen aan de 160.000 geëvacueerden en de ontsmetting van de gecontamineerde zones niet eens meegerekend. Het titanenwerk is pas begonnen en zal maar liefst veertig jaar duren. Hoewel de straling in de verlaten woongebieden in een straal van 20 kilometer rond de centrale het afgelopen jaar met 40 procent is gedaald, zijn de gevolgen nog steeds dramatisch. De radioactiviteit die gemeten werd in vis die in de buurt van de centrale werd gevangen, is nog steeds 2500 keer hoger dan de toegelaten norm. Eenderde van de werknemers die de schoonmaak van de centrale doen, riskeren volgens de wereldgezondheidsorganisatie schildklierkanker, leukemie en zogenaamde solide kankers. Het kankerrisico is ook gestegen voor iedereen die rond de centrale woonde. Meisjes hebben 70 procent meer kans om op latere leeftijd schildklierkanker te ontwikkelen. In februari werden 133.000 kinderen uit de omgeving van Fukushima getest; bij 42 procent van hen werden abnormale cysten aangetroffen in de schildklieren.

Maar er zijn ook dramatische gevolgen voor de mentale gezondheid. De nagenoeg 2 miljoen Japanners die rond de centrale wonen, kunnen de emotionele druk niet langer aan. Het fenomeen wordt genpatsu rikon of ‘nucleaire scheidingen’ genoemd. Families vallen uit elkaar bij bosjes. Het aantal gevallen van zelfdoding, depressies, alcoholisme, familiaal geweld... neemt toe. Mensen die uit de omgeving van Fukushima komen, worden in de rest van Japan gediscrimineerd. Men vreest dat ze ‘besmet’ zijn. Jonge vrouwen vinden geen partner omdat gevreesd wordt dat ze misvormde kinderen ter wereld zullen brengen.

De reacties op de Japanse ramp zijn in Europa relatief lauw. Het enige wat wij doen, is nucleaire stresstests uitvoeren. Die houden met veel te weinig factoren rekening. Dat is wel pijnlijk duidelijk geworden in ons eigen land, waar Doel 3 en Thiange 2 geslaagd waren voor de stresstests, maar kort daarna tijdens een routinecontrole gesloten moesten worden wegens scheurtjes in het reactorvat. We weten nog steeds niet hoe de scheurtjes verder kunnen evolueren, wat bijkomende vragen doet rijzen over de veiligheid.

Echte plannen om in te grijpen bij een ramp zijn er niet. Ook dat maakt Fukushima duidelijk. Er zijn zones in de centrale waar er nog steeds geen mensen kunnen komen. Men moet nu experimenteren met robots en technologieën die nog nooit werden gebruikt. De schoonmaak van zo’n centrale is voorlopig vooral nattevingerwerk.

Voor mij is het duidelijk dat kernenergie geen plaats heeft in het energielandschap van de toekomst. Wij pleiten voor een gerichte en snelle afbouw. Dat daardoor meteen het licht uitvalt, is een mythe die door de nucleaire lobby graag verspreid wordt. Zonder Doel 3 en Tihange 2 zou het licht ook uitgaan. Maar we zijn de winter toch zonder enige problemen doorgekomen.

Zolang de oude kerncentrales actief zijn in Europa moet een strenge, uniforme en transparante regelgeving voorzien worden. Een kernramp houdt immers geen rekening met nationale grenzen. Europa moet de controles op de veiligheid van de nationale installaties op een onafhankelijke en deskundige manier waarborgen. Dat betekent ook een strenge Europese regelgeving op het gebied van afvalbeheer, waarbij het principe ‘de vervuiler betaalt’ centraal staat.

In Japan moet de overheid bijspringen om de kosten te dragen. De winsten zijn dus alweer voor de privé-sector, de risico’s voor de belastingbetaler. Volgens mij moet de operator aansprakelijk gesteld worden voor alle mogelijke ongevallen, en moet hij hiervoor ook een sluitende verzekering voorzien. Wie de baten heeft, moet ook aansprakelijk zijn voor de risico's die de technologie met zich mee brengt.