Verbrandingsoven ISVAG in Wilrijk moet dicht: elders, anders en beter

sp.a wil afvalbeleid in één hand

In 2020 loopt de milieuvergunning voor de ISVAG-verbrandingsoven in Wilrijk af. sp.a wil dat de verouderde, naast een woonwijk gelegen oven wordt gesloten. sp.a pleit voor een moderne installatie die via water of spoor bereikbaar is en meer grondstoffen en energie uit afval kan recupereren.  sp.a vraagt dat de stad Antwerpen samen met haar intercommunale partners het volledige afvalbeleid herdenkt en meer waarde creëert door bundeling van nieuwe technologieën in een industrieel ecosysteem. 

Het Antwerpse afvallandschap staat op een scharnierpunt. De intercommunale vereniging ISVAG ziet zijn vergunning voor de bestaande verbrandingsoven in Wilrijk aflopen in 2020 en plant een grotere oven op dezelfde plaats. Dat is kiezen voor een oude technologie op een foute locatie. Een andere intercommunale, IGEAN, wil dan weer de levensduur van haar GFT-vergistingsinstallatie verlengen in Brecht. Tenslotte stevent de stortplaats van de Hooge Maey af op een uitdoofscenario als er geen nieuwe, duurzame activiteiten worden ontwikkeld.  sp.a pleit voor de bundeling van nieuwe afvaltechnologieën in een industrieel ecosysteem. Anders blijven we energie en grondstoffen verspillen en nodeloos veel vuilniswagens de weg op sturen. Daarom wil sp.a een geïntegreerd afvalplan voor de Antwerpse agglomeratie, met als uitgangspunten: doorgedreven preventie, hergebruik en recyclage. De mogelijke verlenging en verruiming van de vergunning van ISVAG-oven staat haaks op het concept van de circulaire economie, waarop de stad Antwerpen fors zou moeten inzetten.  Uit plannen die sp.a kon inzien, blijkt dat ISVAG op haar huidige locatie in Wilrijk een nieuwe oven plant die meer dan de helft zoveel afval zou verwerken als vandaag: 230.000 ton afval in plaats van de huidige 150.000 ton. Dat is overigens héél wat meer dan wat de ISVAG-vennoten vandaag inzamelen (189.000 ton). De uitbreiding van de oven wordt verdedigd met het argument dat er restwarmte zal uitgekoppeld worden voor het bedrijventerrein Terbekenhof. Uit gegevens die sp.a kon inkijken, blijkt dat de warmterecuperatie uiterst minimaal zal zijn. Zelfs mét het warmtenet naar Terbekenhof, zal de ISVAG-verbrandingsoven minder dan de helft energie recupereren in vergelijking met de gemiddelde verbrandingsovens vandaag in Zweden, Tsjechië, Denemarken, Finland of Noorwegen. Door het gebrek aan warmteklanten blijft ISVAG bovendien met een gigantisch warmteoverschot kampen. ISVAG organiseert bijgevolg energieverspilling in plaats van aan energierecuperatie te doen.  sp.a wil dan ook dat ISVAG uit het Antwerps afval veel meer moleculen en/of energie gaat terugwinnen. Dat kan door producten te synthetiseren uit het restafval via ‘chemische recyclage’, via een betere mechanische scheiding en enzymatische hydrolyse van de biologisch afbreekbare componenten tot biogas of via een verhoogde energierecuperatie (door integrale benutting van de restwarmte). Gezien in die laatste optie de warmteklanten niet tot bij ISVAG geraken, moet ISVAG maar naar de warmteklanten. Meteen ook op een plaats die via water/spoor bereikbaar is.  Meer doen met stort- en biogas Ook het storten op de Hooge Maey of het vergisten van ons GFT afval in Brecht  kan niet gewoon doorgaan zoals voorheen. De stortactiviteiten op de Hooge Maey in het havengebied doven uit door het steeds strikter toegepast stortverbod. Voor IGEAN leidt het verderzetten van de bestaande vergistingsactiviteiten (waarvoor de vergunning in 2019 afloopt) tot ondermaatse milieuprestaties, voornamelijk door een te groot energieverlies wegens ontbrekende warmteafname. Voor Brecht komt daar nog bij dat de afgelegen ligging ten opzichte van het belangrijkste herkomstgebied van het afval, voor nodeloos afvaltransport op de weg zorgt. sp.a is daarom voorstander van de bouw van een nieuwe vergistingsinstallatie op of nabij de Hooge Maey. Daar kan de restwarmte van de stort- en biogasmotoren worden gebundeld en omgezet worden naar elektriciteit of aangesloten op het warmtenet dat van Indaver naar Luchtbal zal gaan. Een alternatief is dat het stort- en vergistingsgas in een trigeneratie-eenheid met brandstofcel wordt omgezet naar waterstofgas, elektriciteit en warmte. Het waterstofgas kan geïnjecteerd worden in het aan de Scheldelaan gelegen H2-net of kan in een eigen tankstation als brandstof geleverd worden aan vuilniswagens op H2.

In één hand Antwerpen heeft vandaag de kans om een eengemaakt, toekomstgericht en circulair afvalbeleid uit te stippelen. Dat kan het beste door de verschillende afvalactiviteiten (stortbeheer, verwerking GFT en verwerking restafval) in een nieuw industrieel ecosysteem met maximale grondstof- en energierecuperatie te verweven. Waarom zouden we van de integratie van de activiteiten geen gebruik maken om ook de intercommunales zelf te fusioneren? Dan krijgen we naast de ‘technisch-ecologische’ synergievoordelen, ook nog eens bestuurlijke schaalvoordelen. Het voorstel van sp.a om het afvalbeleid in één hand te leggen, is goedkoper voor de Antwerpenaar en zorgt voor grote milieuwinst.